Als we een land met de naam Verweggistan bedenken, bedoelen we een onbekende plek ergens ver weg of herinneren we ons misschien het fictieve land dat voorkomt in sommige verhalen met Donald Duck in de hoofdrol. Het Perzische achtervoegsel ‘stan’ betekent land en komt in werkelijkheid voor in de naam van een zevental in Centraal-Azië gelegen landen.
Op het kaartje (op de voorkant van dit kerkblad) ligt in het noorden het grote Kazachstan, daaronder van west naar oost Turkmenistan, Oezbekistan, Tadzjikistan en Kirgistan, die voor begin jaren negentig tot de Sovjet-Unie behoorden, en daaronder de voor ons misschien wat bekendere landen Afghanistan en Pakistan.
Een van de oorzaken van de val van de Sovjet-Unie was de economische malaise. Na die tijd bleef de ontwikkeling van Centraal-Azië de ontwikkeling achter op velerlei gebied.
Gelukkig zijn er verschillende organisaties die zich het lot van de bevolking van Centraal-Azië aantrekken, alle met hun eigen focus. Er is dan ook genoeg te doen op het gebied van gezondheidszorg, verslavingszorg, en de zorg voor dak- en thuislozen.
Vrijwilliger
Behalve de voor de meeste mensen wat bekendere wereldorganisaties zoals Unicef en Artsen zonder Grenzen zijn er verscheidene christelijke organisaties die naast hulpverlening ook het evangelie willen brengen. Een daarvan is People International, een zendingsorganisatie die zich heeft gespecialiseerd in het bereiken van de bevolkingsgroepen van Centraal-Azië, een door gebergte geïsoleerd gebied waar slechts een fractie van de mensen Jezus kent. People International draagt op uiteenlopende manieren bij aan educatie, opleidingen, cursussen en toerusting. Werkers op locatie bieden bijvoorbeeld onderwijs in de context van ontwikkelingsprojecten, vaardigheidstrainingen of taalscholen. Ze zijn vaak ook betrokken bij de toerusting van gelovigen. Via dit onderwijs wordt het evangelie verspreid en voorgeleefd.
De organisatie vindt het ook belangrijk om de eigen werkers met hun kinderen en anderen die zich oriënteren op zending toe te rusten, zodat zij goed werk kunnen verlenen.
Graag stel ik u voor aan Roos.* Zij is via People International vrijwilliger in een ontwikkelingsproject in Centraal-Azië. Op mijn vraag wat haar heeft gemotiveerd om naar Centraal-Azië te gaan vertelt zij: ‘Dat is God zelf. Vanaf mijn dertiende heeft Hij een verlangen in mij gelegd om in de zending te werken. Dit verlangen is op momenten ook wel minder geweest, maar kwam toch steeds weer terug. Na wat omzwervingen in Afrika ben ik in Centraal-Azië terechtgekomen. Vooral omdat dit een groot onbekend en niet bereikt gebied is.’
Vertellen
In haar geboorteland heeft Roos kennis, vaardigheden en ervaring opgedaan, die zij toepast in de gezondheidszorg. Dat zij via People International is uitgezonden, is dan ook een goede match. Een groot deel van haar tijd besteedt ze aan het overdragen van die kennis en vaardigheden aan de mensen die met haar samenwerken. De aandacht gaat vooral naar de zorg voor zwangere vrouwen, baby’s en hun omgeving. Als een jonge vrouw trouwt, wordt zij opgenomen in de familie van haar echtgenoot, waar de oudere vrouwen de leiding hebben. Deze oudere generatie wordt daarom ook betrokken bij de voorlichting over gezonde voeding en verzorging.
Op de markt is met name ’s zomers en in het najaar voldoende voedsel te kopen, maar als daarvoor de financiën ontbreken, is het lastig gezonde voeding te krijgen. Het is een toer om je boodschappentas te vullen, want elke vrucht en groente wordt afzonderlijk beoordeeld en besproken voordat de koopovereenkomst is gesloten.
Roos merkt dat er economische vooruitgang is. Er worden veel appartementen gebouwd. Ook zijn er nu supermarkten, die er eerder niet waren, en meer producten die het hele jaar verkrijgbaar zijn, zoals tomaten. Een heel verheugende ontwikkeling is ook dat de kindersterfte is gedaald.
Roos draagt het evangelie uit door het vertellen van bijbelse verhalen. Ze legt uit wie Jezus is, en stelt vragen om mensen er zelf dieper over door te laten denken. De meeste mensen zijn wel naar school geweest en hebben leren lezen, maar slechts een enkeling leest graag.
Christenvervolging
Alle zeven hierboven genoemde landen staan in de World Watch List. Dit is de jaarlijkse ranglijst van Open Doors met de vijftig landen waar de christenvervolging het heftigst is. De huisgemeente waartoe Roos behoort staat net als alle andere christenen onder druk van een overheid die hen niet wenst. Dat is ook de reden dat Roos niet haar eigen naam gebruikt en niet specifiek noemt in welk land zij woont en werkt.
People International benadrukt de noodzaak van gebed:
‘Onze veldwerkers zijn uitgezonden naar landen waar ze allerlei uitdagende situaties meemaken. Een enorme geestelijke uitdaging voor hun geloofsleven, maar ook intensief om in een andere cultuur te wonen en een totaal andere taal te leren. Daarnaast zien onze werkers vaak weinig directe vrucht van hun lange termijn inzet om Centraal-Aziaten met het evangelie te bereiken. Daarom vinden wij het enorm belangrijk om voor onze werkers te bidden. En er is meer nodig. De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig. Bovendien zijn veel Centraal-Aziatische etnische volken nog totaal niet bereikt met het Evangelie. Wij geloven dat gebed daar verandering in kan brengen. Dat onze Heer werkers kan roepen, maar ook Zichzelf aan Centraal-Aziaten kan openbaren. Daarom bidden we voor de landen en etnische volken in Centraal-Azië. Bidt u met ons mee?’
Vraag
Het kan zomaar een vraag zijn. Een praatje in de bus of op een verjaardag. Voor Roos zijn er verschillende antwoorden mogelijk. ‘Hoe bedoel je? Nu? Met de trein uit Maastricht. Of waar ik geboren ben? Zeeland. Bij wie ik logeer? Nu even iemand in Haarlem en ik ben ook nog in London geweest. Maar waar ik thuis ben bedoel je?’
Mensen die Roos kennen, weten dat ze in Verweggistan woont en werkt. Zelf zegt ze ‘Centraal-Azië’, haar nieuwe thuis sinds elf jaar en waar ze met liefde naar teruggaat als haar verlof is geëindigd. Maar wel is ze daar alleen en het leven is niet altijd eenvoudig. Er is een thuisfrontteam dat haar vanuit Nederland ondersteunt, contact onderhoudt met haar thuisgemeente en helpt bij fondswerving. Het is belangrijk en fijn voor Roos om deze ondersteuning te hebben!
Nel Noppe, Tzummarum
*
‘Roos’ is een gefingeerde naam omdat de vrouw over wie het hier gaat aan het eind van een presentatie over haar werk het volgende zegt, terwijl ze een foto met rozen in het veld laat zien: ‘Ik wil zien dat het land weer tot bloei komt, dat mensen tot bloei kunnen komen, dat de kerk tot bloei komt. Dat Gods Naam hier verheerlijkt zal worden.’