Bestaat er zoiets als intrinsiek religieuze of christelijke muziek? Muziek die gereformeerd is of rooms-katholiek? Wat is de verbindende rol die muziek kan spelen in de kerk (en in de wereld)?

 

Als gesproken wordt over muziek in de liturgie, gaat het vaak al snel over de tekst die met de muziek verbonden is. Die tekst is inhoudelijk vaag of juist orthodox, poëtisch rijk of taalkundig pover. Het blijkt moeilijk te zijn om alleen over de muziek te spreken of om de muziek zélf te laten spreken, misschien wel omdat wij niet weten wat de muziek te zeggen heeft. Muziek spreekt een andere dimensie aan. Er vindt geen overdracht van informatie plaats, ook wordt er geen concreet onderwerp aangesneden en je kunt het ook niet eens of oneens zijn met muziek. Muziek roept associaties op, een andere wereld, sentimenten en emoties.

 

Perspectieven

We vinden dat bepaalde muziek past of juist misstaat in de liturgie. Vele invloeden hebben bijgedragen aan de manier waarop we naar muziek in de liturgie kijken en vooral luisteren. Binnen het enorme spectrum van perspectieven, wil ik er vier aanstippen. In een logische volgorde van een wijde blik naar een steeds smallere focus: cultuur, theologie, liturgie en individu.

Onze cultuur, geografische ligging en volksaard hebben mede de muziek gevormd waarin wij ons thuis voelen: nuchter, overzichtelijk van structuur en niet per se lichtvoetig. Daarnaast ritmisch eenvoudig en met een melodie die steunt op de onderliggende akkoorden.

Vanuit theologisch perspectief laat de heilige Schrift ons wel iets weten over muziek in de liturgie – op de wijze van ‘de achtste’, bij snarenspel – maar het is volslagen onduidelijk hoe dat ooit geklonken heeft. En hoewel het protestantisme de Schrift als de belangrijkste bron van openbaring beschouwt, speelt op muzikaal gebied in de kerken van de reformatie niet de Schrift, maar de traditie de grootste rol.

Vanuit het liturgisch perspectief bezien krijgt de muziek een in de westerse wereld atypische behandeling. In onze streken is muziek doorgaans iets dat men ondergaat, in de concertzaal of winkelend in de supermarkt. De kerk bewaart in het samen musiceren een grote schat: de activiteit zelf is belangrijker dan het klinkend resultaat en dan een in alle opzichten verantwoorde weergave van de partituur. Het gebeurt hier en nu. En dat beïnvloedt de klanktaal van muziek in de liturgie. Die klanktaal zit in de noten verscholen, maar vooral in de wijze van uitvoeren. De invloed van deze natuurlijke vorm van musiceren heeft gemaakt dat kerken hun eigen nestklank, hun eigen geluid konden ontwikkelen. Het is een vorm van auditieve territoriumafbakening. Je bent welkom, maar je wordt wel geacht je aan te passen aan de hier heersende muzikale mores, zoals het tempo en de sterkte van de zang of de stijl van de orgelbegeleiding.

Wat het perspectief van het individu betreft: staat de individuele expressie niet per definitie op gespannen voet met een collectieve activiteit als het vieren van de liturgie? Hoewel muziek een universeel expressiemiddel is en gemeenschapsvormende kracht heeft, blijkt in de praktijk muziek juist vaak een splijtzwam te zijn. Uiteindelijk is het de enkeling die voor zichzelf bepaalt welke muziek als liturgisch ervaren wordt.

 

Functies

Muziek tijdens kerkdiensten heeft altijd een liturgische functie. Het is een gezongen gebed, het antwoord van de gemeente of het opvullen van de tijd die de collecte vergt. Dan gaat het dus over de praktische kant van liturgische muziek die, als het vocale muziek betreft, meestal samenhangt met de tekst. De muziek zélf (dus los van de tekst) ondersteunt deze dienstbare functies, maar ze speelt daarenboven haar eigen rol.

Drie belangrijke liturgische rollen van liturgische muziek – instrumentaal én vocaal – wil ik hier noemen. Allereerst: stichten en luister bijzetten. Denk daarbij aan de intieme slag op de klankschaal, de devote, zachte orgelklank, maar ook aan uitbundig trompetgeschal en aan massale samenzang. Daarnaast sticht muziek gemeenschap. Het eerdergenoemde ‘doe-karakter’ van veel liturgische muziek helpt daarbij. Waar in de kerk gemusiceerd wordt, kun je niet eenzaam aan de kant blijven staan. Je moet meedoen, musicerend of aandachtig luisterend. Samenzang is natuurlijk het meest sprekende (zingende) voorbeeld. Ook heeft de muziek een verkondigende rol, zowel in de stem van de cantor die de psalmverzen zingt als in de melodie van de samen gezongen liederen, in de al dan niet hemelse koorzang en in de improviserende fluitist die haar persoonlijke reflectie geeft op inhoud van de liturgie.

 

Overigens zijn deze muzikale rollen niet per se liturgisch. Ze zijn universeel van aard en dus ook geldig in het seculiere domein. ‘Luister bijzetten’ wordt dan: ‘verhogen van de feestvreugde’. De gemeenschap stichtende rol van muziek is zeker ook bekend bij iedereen die wel eens een voetbalwedstrijd in een stadion heeft bijgewoond. De verkondigende rol van muziek wordt in het seculiere domein mystiek, meeslepend, opzwepend, beklemmend, troostend genoemd, kortom: expressief. Muziek drukt zich uit in beelden van klank en in de taal van de toonkunst.

 

Overeenkomst

In de brede oecumene worden verschillende muzikale talen gesproken. ‘Zing uw lied en ik zal zeggen waar u ’s zondags kerkt.’ Die verschillen worden ingegeven door de onderscheiden culturele, theologische en liturgische achtergronden, maar ook door de optelsom van de betrokken individuen. Het zijn verschillende klanken, die ook verschillende dingen proberen te zeggen. De in zekerheden gewortelde orthodoxe protestant klinkt anders dan de zoekende mysticus. Een blije evangelical heeft een andere muzikale taal dan een traditionele rooms-katholiek. Daarin verschilt de muziek wel van klank maar niet van rol. En juist in die overeenkomstige rollen van muziek kunnen we elkaar zoeken en vinden.

 

 

Christiaan Winter, Zaandam

 

Dr. Christiaan Winter (’s-Gravenhage 1967) is beiaardier van Alkmaar en De Rijp, docent aan de HKU/Nederlandse Beiaardschool en vervangend dirigent van de co-kathedrale basiliek van Sint Nicolaas in Amsterdam. In 2023 promoveerde hij op een studie over het leven en werk van componist en kerkmusicus Willem Vogel. Dit artikel is een bewerkte en ingekorte versie van een lezing tijdens het symposium Van David tot vandaag.