Eens gingen mijn vrouw en ik met een toeristengroep naar Israël.
We kwamen ook in Jeruzalem. Daar wilden wij op sabbat een levendige synagogedienst bezoeken. Enkele mannelijke en vrouwelijke leden van ons gezelschap gingen mee. In het hotel, waar we verbleven, vroegen we, waar dichtbij een synagoge was. 'Wel', zei de receptionist, 'u gaat dit hotel uit, slaat de bocht om en dan na zo'n 500 meter vindt u het vanzelf '.
Zo deden we, en zagen rechts een gebouw met veel licht en de deuren wijd open. Daar zal het wel zijn. Wij er op af. We stapten binnen en de overste, de koster van de synagoge, ontving ons. We vertelden dat we de dienst mee wilden maken. 'Ach', zei hij, 'u bent in een bejaardentehuis. We houden hier wel dienst, doch we murmelen maar wat met onze oude stemmen. Wel hebben we hier een oude rabbijn in ons midden van over de negentig jaar. Wilt u een levendige dienst bijwonen, dan moet u even verder gaan aan de overkant. Daar is een grote synagoge met een jonge, enthousiaste rabbijn als voorganger'. 'Dank u', zei ik, 'maar ik wil toch even uw oude rabbijn groeten'.

Dat kon en hij nam ons mannen mee naar de synagogeruimte. De vrouwen konden naar de vrouwenafdeling.
Dat deden zij onder leiding van mijn vrouw. Ze vonden er kinderspeelgoed en op één van de tafeltjes een boekje. Mijn vrouw nam het en het was....'Bartje' uit het Drentse land. Het was in het Hongaars vertaald en in Boedapest uitgegeven. Vermoedelijk door Joden uit Hongarije meegenomen naar Jeruzalem. Daar kon een oma, tijdens de synagogedienst van de mannen, een kleinkind hebben voorgelezen uit Bartje; onder andere: 'Bartje bidt niet voor brune bonen!'
Wíj werden naar de mannenafdeling gebracht en daar stond ik voor de oude rabbijn met een lange baard, zittend te midden van zijn bejaarde broeders. Ik reikte hem de hand. Hij keek mij aan en vroeg: 'Bent u een Jood?' 'Neen', zei ik. 'Dan een christen?' 'Ja', was mijn antwoord. 'Bent u ook een overtuigd christen?' 'Met hart en ziel', was mijn reactie. Toen – u had dit moeten zien en meemaken – nam de oude rabbijn zijn stok, tilde zich overeind, stak de beide handen vlak voor mij omhoog en riep uit: 'De Messias, Hij komt er aan!' Ook ik stak mijn handen omhoog en zei – het ging allemaal in het Engels – 'De Messias, Hij ís ook al gekomen!' 'Amen', klonk het uit zijn oude mond en hij ging weer zitten. Wij schudden elkaar de hand, namen afscheid van de broeders in deze synagoge en vonden even later de andere, volle synagoge met de jonge, levendige rabbijn.
Een wondere ontmoeting – om nooit te vergeten!
Voor ons een bewijs, dat er een sterke Messias verwachting leeft in Israël!

Hoogeveen                    
T. Brienen                                                                                                                           

Commentaar

  • Verslavingen 2024-07-12 17:57:04

    Ruim een op de vijftien jongeren gokt weleens online, zo blijkt uit een onderzoek van het...

  • All Nations 2024-06-28 17:42:30

    Vorige week was ik met een groep studenten van de Theologische Universiteit Apeldoorn bij All...

  • Op weg naar de GS 2024-06-15 10:09:55

    Als dit kerkblad verschenen is, is het bijna zover dat de Generale Synode bijeen komt in...

  • Genoeg is genoeg! 2024-06-02 12:35:18

    Na een verjaardag waarbij de hele familie gezellig langs is gekomen en iedereen gezellig is en...