Ondanks het feit dat het christendom de grootste godsdienst op aarde is en er wereldwijd veel aan evangelisatie en zending wordt gedaan daalt het percentage christenen. Terwijl de wereldbevolking ruwweg groeit met 1,25% per jaar, groeit in diezelfde periode het aantal christenen met ongeveer 1,12%. De langzamere groei kan voor een deel worden toegeschreven aan het feit dat de christelijke bevolking voor een gedeelte in rijke westerse naties - met een lager geboortecijfer - woont. Maar dat verklaart inderdaad niet alles. Waar het christendom een plek heeft gevonden in de wereld is over het algemeen sprake van groei behalve in de westerse landen. Te denken valt dan aan de Verenigde Staten, Australië en Europa; daar zijn relatief gezien steeds minder christenen aan te treffen.

Wij zien een daling van het aantal christenen in – en laten we het dicht bij huis houden – Nederland. Hoe groot is de invloed van de kerk in onze tijd? Er blijkt steeds meer sprake van functioneren in de marge van onze samenleving. Het ‘geluid’ van de kerken - klinkt het nog? En als dat ‘geluid’ klinkt wie neemt het dan nog serieus? De meeste mensen weten niet eens wat ‘kerk’ voorstelt. Onlangs kreeg iemand te maken met het Kerstverhaal. Hij vond het mooi en boeiend maar vroeg zich wel af waarom men de hoofdrolspeler als naam een vloek had gegeven… En zo’n reactie is geen uitzondering. Nee, die reactie is illustratief voor het door zeer veel mensen onbekend zijn geraakt met het christendom. Niet voor niets zijn er buitenlandse zendingorganisaties die naar ons land  hun medewerkers sturen om het evangelie opnieuw te laten klinken. Nederland als zendingsgebied!

 

Vroege kerk

Zou de manier waarop wij vandaag kerk zijn daar ook mee te maken hebben?

In zijn boek ‘The forgotten ways’ (2006) vergelijkt de Messiasbelijdende jood Alan Hirsch de westerse wijze van kerk-zijn met de gemeente zoals die in Handelingen beschreven staat en  zoals we die kennen in de eerste eeuwen van onze jaartelling. Hirsch stelt vast dat er in 100 na Christus ongeveer 25.000 christenen waren. Volgt hij de tijdbalk naar het jaar 310, ruim twee eeuwen later, dan blijken er 20 miljoen christenen te zijn. En je kunt één ding zeker stellen: in de eerste eeuwen bevond de kerk zich aanvankelijk ook in de marge! Wie had in die tijd oren naar het ‘geluid’ van de vroege kerk? En toch: in het jaar 350 na Christus is het christendom de belangrijkste godsdienstige stroming; ruim 50% van de bevolking.

Hirsch somt met betrekking tot het christendom van die dagen de volgende zaken op: het was een illegale godsdienst, ze hadden in die eerste eeuwen geen kerkgebouwen, de Bijbel was veelal nog niet compleet voorhanden, een zeer beperkte organisatiegraad, géén zoekergeoriënteerde diensten én – opvallend! -  het werd de mensen niet makkelijk gemaakt om lid te worden (een lange introductieperiode was vereist). Om de actualiteit aan te geven vermeldt de schrijver een vergelijkbare groei in China. Daar steeg in enkele tientallen jaren het aantal christenen met vele miljoenen zonder centrale organisatie en massabijeenkomsten en met amper officiële leiding.

 

Vergeten manier

De vroege kerk groeide. Vanuit de marge naar het centrum van de samenleving. Hoe deden ze dat? En kunnen de kerken van vandaag van hen leren? Centraal staat de belijdenis ‘Jezus is Heer’. Het is de kortste belijdenis die we in het Nieuwe Testament tegenkomen. En die belijdenis is geen loze kreet. Dat Hij Heer is betekent dat Hij het voor het zeggen heeft in mijn totale leven. Er is geen gebied in mijn bestaan waar Hij geen Heer is. Aan Hem ben ik toegewijd; al kost het mij mijn leven. Een christen is iemand die zijn leven toewijdt aan zijn Redder. Hij staat in de prioriteitenlijst van ons leven altijd bovenaan. En Hij staat daar niet omdat dat zo nodig móet maar omdat je niet anders wilt. Kenmerkend voor het optreden van de Here Jezus is dat hij twaalf leerlingen om zich heen verzamelt. Een aantal jaren trekt Hij intensief met hen op. Hij deelt zijn leven, zijn woorden, zijn daden met hen. Het is learning on the job. Discipel-zijn gaat verder dan dat Jezus informatie aan zijn volgelingen verstrekt. Hij gaat hen vóór. Hij doet het voor en zij kijken ernaar. Hij doet en Hij zet hen in om te helpen. Sterker: Hij zet hen zelf aan het werk om hen daar vervolgens bij te helpen. En uiteindelijk zijn zij er ‘klaar’ voor. Ze mogen het nu zelf doen. Wat mogen ze zelf doen? Nou, discipelen ‘maken’. Daarbij is het plan van Jezus het uitgangspunt. Dat plan lezen we o.a. in het slot van Matteüs 28: Gaat dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen. Zoals Jezus in het leven van zijn discipelen stapt zo dienen zijn volgelingen dat ook te doen.

 

Deur open

Nog altijd klinken de woorden dat ‘kerkdeuren open staan’ en dat iedereen welkom is tijdens de kerkdiensten. Alleen ze komen niet binnen. En zo is min of meer de situatie ontstaan dat de kerkleden binnen zitten en degenen die we volgens het plan van Jezus dienen te bereiken buiten zijn. Als zij niet naar ons toekomen dan zullen wij uit onze comfortzone moeten treden. Jezus verliet die comfortzone (de hemel!) ook. En nou roept Hij ons op om dat in zijn Naam en door zijn Geest óók te doen. Niet geforceerd maar in aansluiting op het leven van alle dag. Het gaat dan vooral om het binnenstappen in het leven van anderen en om het uitnodigen van anderen in je leven. Een voorbeeld. Onlangs hoorde ik dat iemand jarig was en dat hij de mensen uit de straat uitnodigde op zijn verjaardag. Dat betekent wellicht een doorbreken van het gewone patroon: uitnodigen van je bekende (meestal christelijke) vrienden en vriendinnen. De deur openenen voor hen die Jezus, die God niet kennen. Bereid zijn jouw leven met een ongelovige te delen. Dan ontstaat op een natuurlijke manier contact en dat geeft ruimte om je woorden en je levensstijl te delen. Het is als de Here Jezus onder de vijgenboom gaan staan en vragen aan Zacheüs: zullen we samen een hapje te gaan eten. Uit onderzoek blijkt dat christenen vaak hun leven delen met andere christenen. Dat is op zich prima. Maar waar past de niet-christen in dat plaatje? In de kerk heeft laatstgenoemde geen interesse. Daar gaat ie niet naar toe. Maar naar jou zal hij wellicht toegaan als je je leven voor hem opent. Het plan: een leerling ‘maakt’ een leerling. Zo heeft de Here Jezus het bedoeld en zo bedoelt Hij het nog steeds. In een volgend artikel ga ik nader in op dat openen van ons leven om Jezus op die manier te dienen – binnen én buiten de kerk.

 

Groningen
N. Vennik

 


Commentaar

  • Op weg naar de GS 2024-06-15 10:09:55

    Als dit kerkblad verschenen is, is het bijna zover dat de Generale Synode bijeen komt in...

  • Genoeg is genoeg! 2024-06-02 12:35:18

    Na een verjaardag waarbij de hele familie gezellig langs is gekomen en iedereen gezellig is en...

  • Pinksteren 2024-05-17 18:03:28

    In dit nummer van het Kerkblad wordt speciaal ingegaan op Pinksteren. De uitstorting van de...

  • Wereldverbeteraars 2024-05-03 13:31:31

    Wereldverbeteraars Met zijn boek ‘De meeste mensen deugen’ (2019), heeft Rutger Bregman zijn...