Ik herinner het me nog goed dat ik als jonge dominee bij een oud gemeentelid op bezoek was, en daar de vraag stelde of hij vastheid had in zijn geloof. Hij antwoordde: ‘Dat zullen we hopen, dominee.’ Ik had verwacht dat er iets van een bevestiging zou komen, maar daar leek het niet op. In het antwoord van de broeder klonk juist iets van onzekerheid door, alsof je niet kunt weten hoe het is. Maar de hoop die op God gegrond is, is heel anders en geeft volle zekerheid.
Ik begin echter bij wat in het leven van alledag onder ‘hoop’ wordt verstaan, want daar zit vaak dat element van onzekerheid in. Hoop is altijd op de een of andere manier gericht op de toekomst. Maar alleen al als we dat zeggen, doemt er meteen onzekerheid op, want wat zal de toekomst bieden? Voor wie is de toekomst zeker? En waar wordt de toekomst door bepaald? Welke factoren spelen daar een rol in?
Onzekerheid
Ik neem twee grote voorbeelden die vandaag uitermate actueel zijn. Denk aan wat er vandaag speelt in de wereld waarin twee van de grootste machten op aarde actief betrokken zijn. Wie zal zeggen hoe het zal gaan in en rond Oekraïne, waar Rusland een heel directe agressieve rol speelt. Het gezegde ‘leven tussen hoop en vrees’ gaat in Oekraïne zonder meer op. Of, denk aan de situatie rond Iran zoals die nu ook speelt, en waar ook Israël in betrokken is. Daar zien we de andere grootmacht, Amerika, heel direct actief zijn. De vraag is hoe dat zal aflopen, of, moeten we eerder zeggen: waar zal dat op uitlopen? Zijn we, als we al deze dingen zien gebeuren, werkelijk onderweg naar een volgende wereldoorlog? Ik zeg uit de grond van m’n hart dat ik dat niet hoop, maar ik weet het niet. Ik houd mijn hart vast, en ik weet dat ik niet de enige ben. Ik hoop het maar ik heb geen zekerheid.
Het is niet zo moeilijk om van dit grote wereldgebeuren terug te schakelen naar het niveau van ons eigen bestaan. Ook daar speelt hoop, en hopen heel veel mensen dat het in de toekomst allemaal beter, anders, rechtvaardiger, barmhartiger, en liefdevoller zal gaan. Er zouden zonder meer nog heel wat meer aanduidingen te vinden zijn, die we allemaal ook tegenkomen, bijvoorbeeld bij verkiezingen. Er zijn zoveel dingen waarop we hopen. En er zijn heel wat groepen en partijen die allemaal mooie dingen beloven. De vraag is echter of ze het ook waar kunnen maken. Dat moeten we maar afwachten. We kunnen erop hopen, maar of het ook gebeurt …?
Op een bepaalde manier weten we het antwoord wel, en we calculeren het haast al in. We zijn eraan gewend dat dingen die beloofd worden door mensen, lang niet altijd uitkomen.
Vertrouwen
In de Bijbel wordt dat met zoveel woorden gezegd. We lezen in Psalm 118 dat je beter niet op mensen of op mannen met macht kunt vertrouwen (vers 8 en 9). Dat staat natuurlijk in een bepaalde context, maar het is helemaal waar. Op mensen, op wat zij beloven, kun je niet bouwen. Mensen kunnen geen zekerheid bieden.
Daar tegenover klinkt in de Bijbel een toon door die zekerheid biedt: je moet niet bij mensen zijn maar bij God. Bij Hem is echte zekerheid te vinden. Bij Hem alleen. De Bijbel zegt zelfs dat mensen, die zonder God zijn, zonder hoop zijn (Ef. 2:12). Bij God vindt een mens zekerheid. Bij God is hoop zekerheid. Omdat die hoop gegrond is op de trouw van God. God is trouw aan Zichzelf. Hij is de God van het verbond. Wat Hij beloofd heeft, dat doet Hij. Ook al botst het op de ontrouw van mensen. In het Woordenboek voor bijbellezers wordt gewezen op Jesaja 8, waar in het begin het oordeel van God wordt aangekondigd over Juda. God heeft genoeg van de zonde van Juda. Maar wat je dan leest is totaal onverwacht. De profeet zegt: Ik zal wachten op de HERE, die zijn aangezicht verbergt voor het huis van Jakob, ja, op Hem zal ik hopen (8:17). Dat kan de profeet echter zeggen omdat hij weet dat de HERE ondanks de ontrouw van Israël is en blijft wie Hij is, de God die trouw is aan zijn verbond. Hij is de God die zichzelf niet verloochenen kan (2 Tim. 2:13).
Anker
De trouw van God is helemaal bevestigd in de opstanding van Jezus Christus. Omdat Hij leeft, ben ik niet bang voor morgen, zingt een lied. In de brief aan de Hebreeën wordt daarbij een prachtig beeld gebruikt: de hoop is het anker van de ziel (6:19). En dat anker zit vast aan het volbrachte werk van de Here Jezus Christus. In zijn opstanding ligt de zekerheid dat de toekomst er komt. Omdat ze er ook al is, want Jezus leeft!
Daarom kunnen we echt aan op wat God zegt. Daarom hebben we zekerheid als het om de toekomst gaat, en is het niet een kwestie van afwachten of het echt zal gebeuren. Wat God zegt, wat Hij toezegt, dat gebeurt. Zo zeker als Jezus is opgestaan. In Christus zijn al Gods beloften ja en amen.
Ik herinner me die oude broeder bij wie ik kwam als jonge dominee. Ik werd, vlak voor zijn sterven, bij hem geroepen. Ook dat weet ik nog heel goed. Het was op oudejaarsdag, kort voordat de kerkdienst zou beginnen. Hij woonde vlak achter de kerk, en ik kon nog net een paar minuten bij hem zijn. Hij lag in zijn bed, en toen ik binnenkwam zei hij (ik hoefde er niet eens naar te vragen): ‘Dominee, ik zie een poort wijd open staan.’
Een paar dagen later overleed hij, gelovend, vertrouwend, waar hij heen zou gaan. Het eeuwige Vaderhuis. Dat was zijn uitzicht. Zo stierf hij, in de hoop op het eeuwige leven. Niet in onzekerheid, maar in volle verzekerdheid van het geloof, omdat Christus, de Levende Heiland, zijn Redder was.
Een lied zingt:
‘Omdat Hij leeft, ben ik niet bang voor morgen.
Omdat ik weet: Hij heeft de toekomst.’
Een toekomst vol van hoop. Daar ben ik zeker van.
Jan van ’t Spijker, Hoogeveen
Bij het schrijven van dit artikel is gebruikgemaakt van verschillende woordenboeken bij de Bijbel, vooral F.J. Pop, Bijbelse woorden en hun geheim, Boekencentrum: ’s-Gravenhage, 1964 en A. Noordegraaf e.a. (red.), Woordenboek voor bijbellezers, Boekencentrum: Zoetermeer, 2005.



