Wat zijn wij vaak bezig met de vraag wat mensen van ons vinden! Hoe kom ik over? Hoe kijken ze naar mij? Het is normaal dat je (zeker als jongere) bezig bent met de vraag wat anderen van je vinden. Maar het kan ook te veel worden. Dan kom je zelf in het middelpunt te staan. Paulus schrijft in 1 Korintiërs 4 dat hij niet zo bezig is wat mensen over hem vinden of denken. Het is voor hem genoeg dat God hem oordeelt (vers 4).
Hoe kijkt God naar mij? Wat is Zijn oordeel over mijn leven? Kijkt Hij in liefde of met teleurstelling? In twee artikelen ga ik in op de vraag ‘Hoe kijkt God naar mij?’ In dit eerste artikel bespreek ik het bijbelse mensbeeld.
Onbekwaam
Hoe zit het nu? Is de mens goed of slecht? Rutger Bregman schreef de bestseller De meeste mensen deugen. Er is heel wat goeds te zeggen over de mens. Als ergens oorlog uitbreekt, komt niet alleen het slechtste in een mens naar boven, maar ook het beste. De een buit de situatie voor zichzelf uit, de ander is bereid zijn leven voor een naaste te geven. Bij Bregman slaat de balans om naar het positieve. Niet alle, maar toch wel de meeste mensen deugen.
De Heidelbergse Catechismus tekent de mens juist in donkere kleuren: onbekwaam tot enig goed, geneigd tot alle kwaad. Moeten we dan maar concluderen dat God niet anders dan in afkeer naar de mens kijken kan, omdat we hoe dan ook tegenvallen? Geeft de Bijbel dus een negatief mensbeeld?
De Bijbel stelt dat de mens van onschatbare waarde is. We zijn door God geschapen. God wilde ons bestaan. Hij heeft de mens ‘met eer en glorie gekroond’ (Ps. 8:6). We zijn geschapen naar zijn beeld (Gen. 1:26). Dat betekent in ieder geval dat we geschapen zijn in relatie tot God, om Hem te kennen en met Hem te wandelen. De mens is een relationeel wezen, geschapen om in verbinding te leven met de ander, met zichzelf en met God. De mens is hoe dan ook van heel grote waarde. Je moet daarom nooit minachtend over wie dan ook spreken, ook (of juist!) niet over de arme, omdat elk mens geschapen is naar Gods beeld.
Bloedserieus
Ieder mens is van onschatbare waarde. Maar de zondeval dan? De mens is toch in zonde gevallen? Is nu het positieve mensbeeld voor de zondeval veranderd in een negatief mensbeeld? Dat kun je zo niet stellen. De mens is inderdaad zondaar geworden. Profeten zeggen niet: je mag er zijn, maar: je moet je bekeren. De boodschap van de Bijbel is niet dat je wel ok bent. Je staat schuldig en je bent niet eens in staat jezelf daaruit te redden. Het is belangrijk dat we berouw krijgen, spijt over de zonde. Ezechiël zegt zelfs dat het volk zal ‘walgen’ van zichzelf om wat ze verkeerd hebben gedaan (36:31). Maar let op: dat is nog geen oproep in het algemeen om een hekel aan jezelf te hebben.
Zijn we onze waarde als schepsel kwijtgeraakt door de zondeval? Nee! De mens blijft beelddrager van God al is de relatie verstoord. Dat God de zonde van de mens zo erg vindt en de mens ter verantwoording roept, laat juist de waarde van de mens zien in Gods oog. Wij doen ertoe voor God. Ook in ons falen en in onze schuld. De zonde maakt de mens niet waardeloos. Als dat wel zo zou zijn, zou de zonde niet zo zwaar wegen. Maar God neemt de mens bloedserieus. Daarom roept God Adam tevoorschijn uit de struiken om hem verantwoording te laten afleggen voor wat hij heeft gedaan (Gen. 3:9).
De Bijbel geeft geen negatief mensbeeld, in de zin dat de mens voor God niets voorstelt. Integendeel. De Bijbel vertelt ons wel met heftige woorden dat het mis is in ons leven en dat bekering nodig is. De meeste mensen deugen? Zo kunnen we dat niet zeggen. De zonde is daarvoor te diep in ons leven doorgedrongen. Maar dat neemt niet weg hoe veel waarde ieder mens heeft in Gods ogen.
Bewogenheid
Gods had de wereld zo lief dat Hij Zijn Zoon zond. Zijn liefde is gericht op Zijn mensen, in zonde gevallen, met de rug naar Hem toe, geneigd tot alle kwaad. Zo lief had Hij ons, dat Hij ons menselijke vlees heeft aangenomen. God is mens geworden. Waarom? Omdat Hij om ons geeft.
We kunnen niet diep genoeg denken en spreken over de zondigheid van ons leven. Het valt niet mee met ons. En toch: we kunnen niet hoog genoeg opgeven over Gods liefde voor ons. We kunnen Gods liefde niet stuk krijgen met onze zonden.
De waarde van de mens blijkt ook hierin dat God door Zijn Heilige Geest ons leven wil vernieuwen. We zijn zowel te zondig als te waardevol in Zijn ogen om ons te laten zoals we van huis uit zijn. Hij wil ons nieuwe mensen maken. De Heere wil de mens zelfs voor eeuwig bij Zich hebben, sterker nog: Hij wil onder de mensen wonen!
De Bijbel haalt ons weg uit het dilemma: of een positief of een negatief mensbeeld. Zeker, mensen zijn tot goede dingen in staat. De Heere Jezus sprak zelfs over ‘slechten en goeden’ (Mat. 5:45). En toch hou je je hart vast als je ziet wat mensen elkaar kunnen aandoen. Wat huist er allemaal in ons hart? Het dilemma negatief of positief mensbeeld kan ons niet verder helpen. De Bijbel is eerlijk over onze zonde en over ons zondige hart. Maar dat mag ons niet tot een laag zelfbeeld brengen, alsof we waardeloos zouden zijn. Dat zijn we niet in Gods ogen en we hoeven het in de ogen van anderen (én van onszelf) niet te zijn. Hoe kijkt God naar ons mensen? In toorn over de zonde en liefde voor de zondaar. Met bewogenheid kijkt Hij naar mensen, Zijn gevallen schepselen die Hij redden en vernieuwen wil.
Anne van Olst, Harderwijk
Drs. A. van Olst is directeur van de Evangelische Hogeschool te Amersfoort en predikant (naar art 6 K.O.) in de Christelijke Gereformeerde Kerken



