Op allerlei wijze wordt informatie in de wereld gezet. Overweldigend is de verscheidenheid en kracht van moderne communicatiemiddelen. Schijnbaar heeft het internet de wereld veroverd. Al die informatie roept reactie op en wil iets uitwerken. Ook ons kerkblad heeft een plaats in onze 'informatiesamenleving'. Wel een plaats met een eigen karakter. Met eigen 'informatie'.

Als kerken en kerkleden binnen een en hetzelfde kerkverband zijn we onlosmakelijk aan elkaar verbonden. Die verbondenheid willen we bewaren. Dat is trouwens ook onze opdracht. Met onze belijdenis hebben we dat uitdrukkelijk uitgesproken (NGB 28). Een van de middelen daarin is de uitwisseling van informatie. Onderlinge communicatie is essentieel.

Op allerlei manier communiceren kerken en leden van de verscheidene gemeenten in de regio van het Noorden met elkaar, onder meer via officiële kerkelijke lijnen, toerustingsbijeenkomsten, informatieavonden en vriendschaps- en familiebanden. In deze onderlinge verbondenheid heeft ons kerkblad een eigen functie. Kerkenraden kunnen daardoor gemeenteleden van informatie voorzien. Lezers nemen kennis van het wel en wee in hun eigen gemeente en andere gemeenten. Daarom is het blad zestig jaar geleden begonnen: de onderlinge communicatie. Daarvoor wordt nu nog steeds de meeste plaats ingeruimd: het nieuws uit de gemeenten. Tijdens de eerste tientallen jaren van zijn bestaan was ons blad bijna uitsluitend daarop gericht. Toerustende artikelen namen toen nog slechts een kleine plaats in.

 

Bevordering van verbondenheid

De onderlinge verbondenheid binnen de kerken is een kostbare gave uit Gods hand ontvangen. Maar ze is niet vanzelfsprekend. Ze vraagt een voortdurende inzet. Er zal steeds gewerkt moeten worden aan eenparige eensgezindheid. Over die eensgezindheid heeft de Here Jezus gesproken. Hij wijst daarbij op zijn eenheid met de Vader. Eensgezindheid op grond van Schrift en belijdenis verhoogt de naam van God en is dienstbaar aan zijn Rijk.

Deze gezindheid die de eenheid zoekt en wil bevorderen, is eveneens dienstbaar aan de taak die elk kerklid heeft in kerk en samenleving. In die taak hebben we elkaar nodig. Niet zonder reden heeft Christus de zijnen aan elkaar verbonden, hoe groot hun verscheidenheid in karakter en achtergrond ook is. Wil die eenheid echter goed kunnen functioneren, dan zal er contact moeten zijn en een middel waardoor dat contact plaatsvindt. Een middel daartoe wil ons kerkblad zijn en daarmee dienstbaar aan het onderlinge meeleven, de kerkelijke verbondenheid en de betrokkenheid op het koninkrijk van God. Lezers kunnen kennisnemen van het wel en wee in de eigen gemeente en andere gemeenten, van de zorgen die er zijn en blijde gebeurtenissen, van de bediening van de doop en de viering van het avondmaal, hoe de Here werkt, en dat ouderen en jongeren in het geloof antwoord geven aan hun Schepper. Heel het blad staat in het perspectief van het hemels Koninkrijk. In dat perspectief ligt het bestaansrecht van ons kerkblad.

Het kerkblad is een waardevol communicatiemiddel binnen de kerkfamilie. Soms kan uit praktische overwegingen de communicatie binnen een familie wat lastiger zijn. Maar als de middelen er zijn, dan zullen zwaarwegende argumenten moeten worden ingebracht wil je de ander informatie onthouden die dienstbaar kan zijn aan de beleving van de onderlinge verbondenheid tussen kerken en kerkleden. We staan niet los van elkaar maar zijn fundamenteel aan elkaar verbonden.

 

Begrenzing in informatie

Het kennisnemen van informatie uit de eigen gemeente en andere gemeenten bevordert zoals gezegd het onderling meeleven. Deze informatie kan ook het wederzijds begrip bevorderen. Zelfs kunnen misschien vooroordelen worden weggenomen. Geeft verder het delen van informatie ook niet de mogelijkheid tot het corrigeren van elkaar? Als kerken hebben we elkaar nodig en daarmee ook de onderlinge communicatie.

Toch heeft het doorgeven van informatie in een kerkblad zijn grenzen. Dat geldt voor alle rubrieken. Wat het gemeentenieuws betreft is de regel: terughoudendheid in het vermelden van al te persoonlijke zaken en ziekten. In dit opzicht zal iedere scribent een voorzichtige weg moeten bewandelen. Hij zal niet alles kunnen en mogen schrijven. Ieder heeft recht op een persoonlijke levenssfeer. Uiteindelijk is niet het belangrijkste dat broeder X aan zijn neus moet worden geopereerd en zuster Y last heeft van galstenen. Dat kan worden weggelaten. Ook in dit opzicht geldt: schrijven is schrappen. Een scribent zal daarin onderscheid moeten maken. Dienstbaar aan de onderlinge verbondenheid is vooral wat de Here God doet, dat Hij genezing schenkt, troost in verdriet, kracht in het doorstaan van pijn en lijden, en volharding in moeite en strijd.

Voor een schrijver is 'eerbied' een belangrijke notie. Ik gebruik dit woord als alternatief voor het populaire woord 'respect'. 'Eerbied' zegt dat de ander een eigen waarde heeft die 'eerbiedwaardig' is. Deze houding is geboden voor de persoon over wie wordt geschreven, voor zijn privésfeer en persoonlijke omstandigheden.

Tegelijk moet iedere schrijver bedenken dat niet alles een plaats kan krijgen in het blad. De ruimte is beperkt. Samen een blad maken houdt in dat je rekening houdt met elkaar. De selectie begint bij de scribenten, bij alle schrijvers, ook die van het gemeentenieuws. Zij allen dragen verantwoordelijkheid voor wat wel en niet wordt opgenomen.

 

Ondersteuning in roeping

Het kerkblad wil niet alleen de eenheid bevorderen, maar ook de onderlinge toerusting. Het wil ondersteuning bieden aan wat afzonderlijke gemeenten, individuele kerkleden en de kerken gezamenlijk uitdragen. Er gebeurt veel in en door de kerken: doorgeven van het evangelie, vorming van kerkleden, onderwijs aan kinderen en jongeren, diaconaat en deelnemen aan verbanden in de samenleving. Verdieping van kennis is meer dan nodig.

Onmiskenbaar wil het kerkblad bevorderen dat het geloof sterker wordt, dat lezers gericht zijn op wat de Here welbehaaglijk is, dat zij hun taak in kerk en samenleving beter kunnen uitoefenen en allerlei zaken met betrekking tot kerk en samenleving beter doorzien. In dat kader past ook de kritische functie van het kerkblad ten opzichte van samenleving en kerk, ook de eigen kerken. Deze functie staat zoals gezegd niet op zichzelf, maar in dienst van onderlinge verbondenheid en opbouw. Daarom geldt voor de redactie een norm die voor de kerken als geheel geldt: de binding aan Schrift en confessie.

Daarbij wil het kerkblad geen eenrichtingsverkeer zijn. Lezers bepalen mee de inhoud van het blad. Is er kritiek op artikelen, de redactie wil daarvan graag kennis nemen en lering uit trekken. Ze staat open voor suggesties en opbouwende kritiek. Ze wil ook zelf in haar houding en de wijze waarop zij schrijft de lezers een volwaardige plaats geven. Voor elke scribent geldt dan ook de norm van eerbied en in dit geval eerbied voor de lezers die hartelijk betrokken zijn bij de kerken en met belangstelling kennis willen nemen van de doorwerking van het koninkrijk van God in deze wereld. Verder hebben kritische en betrokken lezers recht op opbouwende artikelen en eerlijke, evenwichtige informatie. Eerbied zal er ook zijn voor het geheel van de kerken. Daarmee is niet gezegd dat soms een artikel prikkelend kan zijn met de bedoeling de kritische zelfreflectie te stimuleren.

 

Geen neutraal middel

Kortom, het kerkblad wil een communicatiemiddel voor kerken en kerkleden zijn. Zoals gezegd, geen neutraal middel. In haar toerustende functie wil de redactie voor zo ver dat in haar vermogen ligt, enige leiding geven. Informatie binnen een kerkelijke context heeft altijd een uitwerking in het perspectief van het koninkrijk van God. Uiteindelijk wil het kerkblad daarop gericht zijn: de dienst in en bevordering van het eeuwig Koninkrijk van onze God en Heiland. Dat streven zal moeten doorstralen in artikelen, commentaren, meditaties en nieuws vanuit de gemeenten. Zo is en blijft ons kerkblad een orgaan voor de kerken, vooral gericht op het bevorderen van onderlinge verbondenheid van kerken en kerkleden, en onderlinge toerusting. Zeker, het wordt samengesteld met eenvoudige middelen en gedrukt op krantenpapier. Het bezit niet de uitstraling van de overweldigende kracht en snelheid van de zogenaamde 'informatiesamenleving'. Toch draagt zijn inhoud een 'koninklijk' keurmerk. Is die inhoud niet verbonden aan het woord van de Koning? In dat perspectief is zijn 'informatie' dienstbaar aan de 'formatie' van zijn Rijk.

 

Feanwâlden
D. J. Steensma

 


Commentaar

  • Jan … en Paulus 2019-09-20 15:52:30

    Ik weet nog goed dat we, toen we in 2004 na zes jaar werken in de zending terugkwamen uit...

  • Graceland 2019-09-13 17:32:12

    Afgelopen zomervakantie heb ik iets nieuws gedaan. Voor het eerst van mijn leven ben ik naar een...

  • Student in 2019 2019-09-06 18:00:08

    Het is weer september, de vakantie is voorbij, ook voor het hoger onderwijs. Jongeren gaan voor...

  • Engelandvaarders 2019-08-30 18:36:12

    ‘Als we eerst Antwerpen maar voorbij zijn.’ We zijn op weg naar Engeland. Twee kleinkinderen van 9...