'IJe Wijkstra uit Grootegast, schoot vier agenten door de ribbenkast'. Op 18 januari 1929 vond in de gemeente Grootegast een viervoudige politiemoord plaats die de natie schokte. Nog nooit was iets dergelijks gebeurd: één burger maakte in één ogenblik een einde aan het leven van vier gezagsdragers.

Een van de getuigen van dit drama was mijn pake, Ate Postma. Als beginnend boer bezat hij een kleine boerderij onder Doezum. Daar was hij na zijn huwelijk met Gepke de With gaan wonen. Hun huwelijk was gesloten in de Christelijke Gereformeerde Kerk van Kornhorn. Ds. M. Koomans had hun toen deze tekst meegegeven: 'Uw woord is een lamp voor mijn voet, en een licht voor mijn pad' (Ps. 119, 105). Hij had deze tekst uitgezocht omdat het jonge paar aan een afgelegen zandpad ging wonen, een streek zonder verlichting waar verhalen rondgingen over geesten en spoken.

 

Op vrijdagmorgen 18 januari 1929 bracht Ate Postma de melkbussen naar de hoek van de Polmalaan met de Leidijk. Onderweg zag hij bij de woning van zijn buurman, IJe Wijkstra, de gemeenteveldwachter Van der Molen enkele keren door het raampje naar binnen kijken. Drie andere dienders stonden op de Polmalaan. Dat waren de veldwachters Meijer, Hoving en Werkman. Toen hij terugkwam heeft hij even met Van der Molen gesproken en is daarna doorgelopen naar zijn boerderij. Thuisgekomen hoorde hij schoten en kermen. Hij zag daarop zijn buurman in knielende houding in zuidelijke richting schieten. Vier agenten werden in de barre vrieskou neergeschoten en hun kelen doorgesneden. Toen hij zijn huis in brand had gestoken, nam Wijkstra de vrouw die bij hem was ingetrokken mee, liet haar daarna bij een familielid achter, vertrok naar Groningen en werd daar later op de dag aangehouden.

 

Omgeving

De vier veldwachters die het gehele politiekorps van Grootegast vormden, waren erop uitgestuurd Aaltje Wobbes op te halen. Ze had haar zes kinderen in de steek had gelaten en daarmee een strafbaar feit gepleegd. Terwijl haar wettige echtgenoot in de werkinrichting in Veenhuizen verbleef, was zij bij Wijkstra ingetrokken. Ze zou zich voor haar onverantwoordelijk gedrag moeten verantwoorden voor de rechter-commissaris in Groningen.

Al vele publicaties zijn aan het drama van Doezum gewijd. Het gebeuren leverde stof op voor drie romans, een speelfilm, een dichtbundel en vier theaterproducties. Onlangs heeft Libbe Henstra een wetenschappelijk verantwoorde studie aan deze reeks toegevoegd. De verdienste van Henstra is dat hij de persoon van Wijkstra beter in beeld heeft gebracht doordat hij ook diens leefwereld heeft beschreven en de rol van zijn sociale omgeving in dit drama: gezin, familie, buren, collega's, vrienden en hoe gezagsdragers en de rechterlijke macht omgingen met wetsovertreders. Henstra schetst een beeld van de wereld waarin Wijkstra leefde in het Groninger Westerkwartier aan het begin van de twintigste eeuw. Hij schrijft over diens kinder- en jeugdjaren, de invloed die zijn vader op hem had, hoe deze hem inwijdde in de geheimen van het vrije veld, hoe hij zijn kost verdiende met stropen, voegen, klompen maken en musiceren. Ook wordt de spanning in het ouderlijk huis beschreven. Een oorzaak van die spanning lag in een verschil in de beleving van het geloof. Zijn moeder verliet de hervormde kerk van Doezum en ging naar de gereformeerde kerk van Kornhorn. Ze probeerde haar kinderen in die lijn op te voeden. Thuis gaf dat conflicten met haar driftige man. Spanningen waren er ook in het dorp. We lezen in dat verband iets over het ontstaan van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Kornhorn in 1903. Henstra spreekt over een fel oplaaiende richtingenstrijd, waarin volgens hem vast ook wel persoonlijke kwesties een rol hebben gespeeld. In 1909 werd nog gesproken over een strijd op leven en dood. Was dat echt aan de orde toen een van onze gemeenten daar het levenslicht zag?

Verklaring

Hoe Wijkstra tot zijn daad kwam? 'Ze hebben mij getart', zo verklaarde hij zelf. 'Ze' zijn de veldwachters en gezagsdragers in het algemeen. Maar komt iemand daardoor tot een zo verschrikkelijke daad? Diepe sporen hebben de maanden nagelaten waarin hij in het jaar 1918 heeft gewerkt in de 'hel' van Krupp Stahl in het Duitse Essen. De erbarmelijke omstandigheden in deze wapenfabrieken waar op een gegeven moment 168.000 (!) mensen werkten, hebben zijn verdere leven getekend. Blijkbaar was deze ervaring zo traumatisch dat hij een psychiater moest raadplegen, die de diagnose zenuwzwakte stelde. Henstra vertelt ook over de belangstelling die Wijkstra had voor wapens. Na de beëindiging van de Eerste Wereldoorlog kwamen er veel wapens op de markt. Niet voor niets werd in 1919 een wapenwet ingevoerd. Hoewel Wijkstra geen vergunning had, bezat hij wapens en oefende daarmee graag. Hij leverde ze ook aan anderen en zou ook mijn pake aan een revolver hebben geholpen. Deze bewaarde hem op de plank van de bedstee. Stellig was Wijkstra een vrijbuiter en vrijdenker. Hij las boeken van socialistische en anarchistische auteurs, en had weinig ontzag voor het bevoegd gezag. Toch stond hij niet bekend als een gevaarlijk man.

Maar met dit alles is zijn daad nog niet verklaard. Men heeft aanvankelijk geprobeerd een verklaring te zoeken in het karakter van de dader of mogelijke revolutionaire ideeën: een grote gebeurtenis moet een grote oorzaak hebben. Henstra zet alle feiten op een rijtje en komt dat de conclusie dat dit gebeuren door niemand was gewenst en voorzien. Wat sterk heeft meegespeeld is het volgende. Wijkstra voelde de druk van de sociale controle, omdat Aaltje bij hem was ingetrokken. Dat had zijn leven veranderd. Ze had invloed op hem en zeker geen gunstige. Eerdere pogingen van gezagsdragers om Aaltje terug te laten keren naar haar kinderen waren mislukt. Wijkstra werd ook door zijn omgeving aangesproken op het feit dat deze vrouw bij hem was ingetrokken en dat ze haar kinderen had verlaten en ontrouw was aan haar man. Hij werd terechtgewezen en besproken. Zonder twijfel heeft dat hem geïrriteerd. Later heeft hij verklaard dat hij in die tijd wilde dat Aaltje zou vertrekken. Maar het is niet gebeurd. Was hier sprake van een seksuele afhankelijkheid van deze vrouw? Mogelijk was hij beducht voor een volksgericht. Zo'n gericht was niet ondenkbaar. Het kwam vaker voor. Had Wijkstra misschien daarom zijn pistool klaargelegd? Lag daarom de karabijn onder handbereik? In alle vroegte stonden de veldwachters voor de deur. Zij moesten het gezag handhaven. Aaltje hing Wijkstra om zijn hals en wilde niet mee. Wijkstra reageerde in drift op wat de agenten van plan waren en het drama van Doezum was een feit.

Waardering

Direct na het gebeuren vluchtte mijn beppe met een aantal kinderen over de bevroren sloten naar een familielid. Ze hebben na het gebeuren niet lang meer aan de Polmalaan gewoond en zijn verhuisd naar het Groninger Opende. Volgens mijn moeder ging de revolver mee. Ze kan zich herinneren waar haar vader het wapen had opgeborgen. Dat was in de schuur, op een van de balken. De revolver wordt overigens momenteel bewaard in het politiemuseum in Zaandam, zo werd ik uit het boek gewaar. Maar meer dan in de revolver vond mijn pake troost en houvast in de tekst die hij en mijn beppe bij hun huwelijk van hun predikant hadden meegekregen. De waardering voor het feit dat zij juist deze tekst kregen en vast en zeker ook voor de ontvangen pastorale steun, kwam hierin tot uiting dat jarenlang een portret van ds. Koomans in de woonkamer van hun boerderij hing. Toch wel bijzonder. Waar kom je dat nog tegen? Dat wij aan onze voorgangers moeten denken brachten zij onder meer op deze wijze in praktijk. Ze zullen vaak ziende naar dat portret gedacht hebben aan hun huwelijkstekst.

 

Feanwâlden
D. J. Steensma

Naar aanleiding van : L. Henstra, Het teken van het beest. IJe Wijkstra en de geschiedenis van de viervoudige politiemoord, 18 januari 1929. Uitgeverij Bert Bakker te Amsterdam, 2012, 354 blz., ISBN 978 90 351 3708 0, Prijs € 24,95.

 


Commentaar

  • Post 2024-04-06 07:36:05

    De laatste tijd valt het mee, maar het komt regelmatig voor dat de post wat vertraging heeft....

  • Lijdenstijd 2024-03-23 18:53:26

    Met de lijdenstijd lijkt onze samenleving niet uit de voeten te kunnen. Hoe anders is dat met...

  • Leipzig en Navalny 2024-03-07 19:01:01

    Vorige week waren mijn vrouw en ik een paar dagen in het voormalige Oost-Duitsland op bezoek bij...

  • Convent 2024-02-22 17:59:53

    Het kan je haast niet ontgaan zijn. Het convent dat op DV 20 april 2024 door deputaten...