Onder de poort
De ouden van de stad komen samen onder de poort en bespreken de zaken van alle dag.
Langzaam worden de dagen langer. De ouden komen al weer in het daglicht samen. Nog even en dan is het al licht als ze ontwaken. Dat stemt positief. Dat doet iets van binnen. Het is alsof een waas van somberheid plaats maakt voor verlangen naar licht en warmte. Het dringt door tot in de botten. Verlangen. Een heel sterke emotie. Hij weekt je los van beslommeringen en oude antwoorden. Verlangen wrikt je los uit de ijzige greep van donker, traag en stil. De ouden kennen het verlangen van de lengende dagen. Door de jaren heen zijn ze er op gaan rekenen. Het lijkt alsof de doorbraak van het licht ook nieuwe energie brengt. De mensen komen minder snel naar de poort met hun zorgen en problemen. En als ze al komen zijn de wegen uit de zorgen snel gevonden. Het kan natuurlijk ook zijn, dat de mensen eerder genoegen nemen met de geboden antwoorden. Het is alsof de hele schepping zacht fluistert “laten we niet meer moeilijk doen” en “laten we weer genieten”.




De gelijkenissen van de Here Jezus zijn intrigerend. Ze laten de lezer of hoorder achter met vragen, ze nodigen uit tot herkauwen. Ze verwarren of schokken ook. Voor ons, westerse lezers, is het zinnig om te weten welke verwarring de joodse luisteraars overkwam. Een vader die rennend op zijn terugkerende zoon afvliegt is voor hen schokkend, want het is beneden de waardigheid van een patriarch. Of neem de bruidegom die tegen de vijf dwaze meisjes zegt dat hij ze niet kent en de deur sluit. Dat staat nogal haaks op de oosterse gastvrijheid!
In elke plaatselijke kerk komen ze voor: jonge mensen die de kerk verlaten, om welke reden of door welke oorzaak dan ook. In het eerste artikel kwamen openingen voor een gesprek met deze jongeren aan de orde. Ook zijn enkele oorzaken genoemd waarom jonge mensen de kerk verlaten. In dit tweede artikel komt onder andere naar voren dat je nooit moet proberen alle vragen van een antwoord te voorzien