Je hebt al een tijdje wat vage klachten. Je been sleept wat, je vergeet steeds vaker waar je iets nog maar neergelegd hebt, je voelt zo nu en dat een trilling in je hand… Eerst besteed je er geen aandacht aan, maar als het niet overgaat breng je toch maar eens een bezoekje aan de huisarts. Die zet een reeks onderzoeken in gang en na kortere of langere tijd krijg je de uitslag: chronisch ziek. MS, Alzheimer, Parkinson, of iets anders. Je wereld staat op zijn kop, want chronisch ziek betekent nooit meer beter worden. In de loop van de tijd zullen de klachten alleen maar verergeren. Je werk kun je na verloop van tijd niet meer doen, je wordt afgekeurd en moet leven van een uitkering.

 

Toen socioloog Leonard van ‘t Hul een jaar of vier geleden met zijn proefschrift aanving, kon hij niet vermoeden hoe actueel zijn onderwerp zou zijn ten tijde van zijn promotie op 7 oktober 2020. Op die dag promoveerde hij op het onderwerp: ‘Politieke onderhandelingen tussen de Nederlandse overheid en religieuze organisaties 1946-1996’. Korter gezegd, zijn studie handelt over de relatie tussen kerk en overheid. Het is lang geleden dat die relatie zo op scherp heeft gestaan als nu in de coronatijd. 

In opdracht van de generale synode heeft een commissie zich bezonnen op de impasse waarin de besprekingen geraakt zijn rond de vraag wat de kerk aan moet met de verschillende hantering van het besluit inzake vrouwelijke ambtsdragers uit 1998 en 2001.

Zijn de sociaal - economische, ecologische en medische crises waarin wij ons bevinden, kansen om te vernieuwen? Of zal het nieuwe normaal uiteindelijk toch gewoon het oude normaal blijken te zijn?

In mijn achtertuin, grenzend aan een drukke verbindingsweg, raakte ik niet bepaald hoopvol gestemd. Wat een druk verkeer! Wat een fijnstof! We draaien weer op volle toeren. Hebben we dan niks geleerd? Ik verlangde naar de rustgevende stilte van het begin van de coronatijd.    

Soms denk je na over wat je eigenlijk zegt. En vraag je je af of je de dingen wel goed zegt. Dat gebeurt me wel eens. Bijvoorbeeld als ik vertel over dingen die ik in een van de gemeenten waar ik werkte heb meegemaakt. Dan betrap ik me erop dat ik – bijna als vanzelf – praat over: ‘in mijn eerste gemeente.’ Of, ‘in een van mijn gemeentes.’

 

Ik denk dat iedereen snapt dat een dominee niet bedoelt te zeggen dat de gemeente waarover hij het heeft van hem is. We weten immers heel goed dat de gemeente niet van ons is, maar van God die haar kocht met het bloed van zijn Zoon en die door zijn Geest in die gemeente van Hem woont en werkt.

 

Commentaar

  • Kinderen van Canada 2021-07-30 09:40:50

    Ik. Eigenlijk kan dat helemaal niet, een commentaar beginnen met het woordje ik. Wat blijft er dan...

  • Ketikoti 2021-07-16 17:10:37

    Ketenen Gebroken. Dat betekent dit woord in de Surinaamse taal Sranantongo. De naam duidt de...

  • Verklaring van gevoelen 2021-07-02 16:25:18

    Op 9 juni jl. kregen (de) predikanten van onze kerken een e-mail toegestuurd die was ondertekend...

  • En hoe zit dat met het lijden? 2021-06-18 17:02:53

    Ik moet er nogal eens aan denken. Het speelt alweer aardig wat jaren terug, in de jaren dat Europa nog...