De kerk over 25 jaar
Onlangs plaatste ondergetekende een commentaar in ons Kerkblad met de titel ‘Slager wordt groenteman’. Een vleesbedrijf in Nederland was overgegaan tot het produceren van groenteburgers. Reden: het familiebedrijf wil graag over vijftig jaar ook nog bestaan. Vraag van de redactie aan mij: of ik een poging wil doen een blik in de toekomst te werpen met betrekking tot de kerk. Hoe ziet de kerk er over 25 jaar uit? Moeten de bakens verzet worden (zoals bij het vleesbedrijf) of moeten we teruggaan naar wat we hadden? En hoe omschrijf je dat ‘wat’ dan? Of gaat er iets anders gebeuren met de kerken in ons land? Pittige vragen.
We leven in de kerk van de toekomst die ten hoogste en ten diepste aan het licht is gebracht met de opstanding van onze Heer Jezus Christus. Gods Koninkrijk ligt vastgeklonken aan de Paasmorgen. Vanaf die dag is de overwinning een feit. Al is dat wel een feit dat telkens opnieuw vertrouwen in God vraagt omdat er hier nog – heel veel! – is dat niet strookt met Gods Koninkrijk.




Wat een gekke zin zul je wellicht denken. Welnu, dat is het dan ook. Hoewel, als je er goed naar kijkt zit er wel enige logica in. Je kunt je afvragen waarom het niet op deze manier geschreven zou kunnen worden. Maar als je het op deze manier op school zou schrijven, zou het wel eens kunnen resulteren in een slecht cijfer. Je leerkracht zou zich afvragen wat voor vooropleiding je hebt gehad.
‘Op veel punten ben ik het met atheïsten eens, vaak op bijna ieder punt – behalve in hun geloof dat God niet bestaat.’ Dit is de eerste zin van dit boek, waarmee de auteur meteen de toon zet. In het vervolg legt hij uit wat hij hiermee bedoelt, prachtig samengevat in de titel. Volgens hem is er fundamentele overeenkomst tussen een orthodoxe atheïst en een christen met een goedkoop geloof. Beiden hebben geen geduld met God, omdat ze een duidelijk beeld van Hem hebben: de één beweert dat Hij niet bestaat, de ander dat Hij er vanzelfsprekend wel is.