Collega Nico Vennik en ik zullen enkele artikelen schrijven over de preek en het preken. Je kunt het tegelijk breder trekken naar het voorgaan in de diensten. Een preek is nu eenmaal in onze setting niet los verkrijgbaar. Bovendien, in onze structuur van samenkomsten is de dominee het manusje van alles. Vooraf heeft de koster het water op de kansel gezet en heeft de kerkenraad gebeden om de Heilige Geest, deed de organist het voorspel en dan gaat het los. Dan ben jij aan de beurt die de titel draagt ‘vDm’: verbi Divini minister. Dienaar van het Goddelijke Woord.
Ik schrijf het met hoofdletters. Niet per se uit principe, maar vanwege het feit dat de preek door velen als bediening van het Goddelijke Woord wordt gezien en beleefd. Wat het ook is! Het heeft dan sowieso iets verhevens, iets onaards. Preken valt dan in een buitencategorie, zoals sommige bergen in de Tour de France. Met niets te vergelijken en door wel heel speciale mannetjes gebracht.

Tijdens de adventsperiode zullen een aantal mensen vertellen hoe hun toekomstverwachting is.

Ik ben net veertig geworden.  Ik realiseer me dat het volk Israël zo lang rondgezworven heeft in de woestijn. Hitte, dorst en lange reisdagen heeft het moeten doorstaan. Natuurlijk waren er ook mooie momenten, maar het was niet waar ze hoorden. Ze waren immers onderweg naar het beloofde land. Voelden ze zich als een vis op het droge? Of zoals in Psalm 102 vers 7 ‘als een uil in de woestijn’.  Velen wisten daarnaast dat ze zelf het beloofde land niet zouden zien en alleen hun kinderen daar gebracht zouden worden. Kan ik die veertig jaren vergelijken met mijn veertig jaar? Ik ben zeker ook onderweg, ik maak ook een reis door het leven. Ik leer en groei, ervaar, geloof en voel.

Engeland gaat ontzettend slecht om met kinderen. Ze worden verwend, verwaarloosd en mishandeld en zijn daardoor zelf een bron van ellende. De diepste oorzaak daarvan is de nadruk die onze westerse samenleving legt op het gevoel. Maar de ellende ten gevolge van de dominantie van het gevoel blijft niet tot gezinsverhoudingen beperkt. Ze manifesteert zich op verschillende levensgebieden en niet alleen in Engeland.

Aldus Theodore Dalrymple, pseudoniem van Anthony M. Daniels (1949). Wereldwijd wordt naar zijn scherpe cultuurkritiek geluisterd. Hij heeft al verscheidene spraakmakende publicaties op zijn naam. Recent is een nieuw boek van hem vertaald onder de titel Door en door verwend. Wat hij daarin opmerkt over het wangedrag van kinderen en jongeren werd de afgelopen zomer opnieuw actueel door de uitbarsting van geweld in een aantal Britse steden.

Wie gelooft hangt met beide handen aan het koord van Gods belofte. Hij hangt daar veilig, maar wel boven de afgrond van zonde en dood. Kijkt hij omhoog naar God, dan weet hij zich door het geloof gerechtvaardigd. Maar kijkt hij naar beneden of naar binnen, dan slaat de schrik hem om het hart vanwege zijn schuld en schamelheid.

De ervaring van aanvechting is volgens Luther eigen aan het geloof. Ook Calvijn en Kohlbrugge spraken in die trant. Dr. A. de Reuver heeft daarover een bijzonder waardevol boekje geschreven.
Volgens Maarten Luther (1483-1546) is elke christen een kruisdrager. Het kruis dat hij draagt, bestaat bijvoorbeeld uit ziekte, rouw, tegenslag of schuldbesef. Op verschillende manieren kan een christen worden aangevochten. De ergste vorm van aanvechting is de gedachte dat Gods belofte niet voor hem zou zijn. De wet slaat hem neer. Het evangelie is geen evangelie meer. Hij ziet louter en alleen verlorenheid. Luther kende deze aanvechting uit eigen ervaring. Hij was bang dat hij niet behouden zou zijn. Sterk was hij onder de indruk van Gods heiligheid. Maar te midden van de aanvechting heeft hij de betrouwbaarheid en troost van Gods beloften ervaren.

Eens gingen mijn vrouw en ik met een toeristengroep naar Israël.
We kwamen ook in Jeruzalem. Daar wilden wij op sabbat een levendige synagogedienst bezoeken. Enkele mannelijke en vrouwelijke leden van ons gezelschap gingen mee. In het hotel, waar we verbleven, vroegen we, waar dichtbij een synagoge was. 'Wel', zei de receptionist, 'u gaat dit hotel uit, slaat de bocht om en dan na zo'n 500 meter vindt u het vanzelf '.
Zo deden we, en zagen rechts een gebouw met veel licht en de deuren wijd open. Daar zal het wel zijn. Wij er op af. We stapten binnen en de overste, de koster van de synagoge, ontving ons. We vertelden dat we de dienst mee wilden maken. 'Ach', zei hij, 'u bent in een bejaardentehuis. We houden hier wel dienst, doch we murmelen maar wat met onze oude stemmen. Wel hebben we hier een oude rabbijn in ons midden van over de negentig jaar. Wilt u een levendige dienst bijwonen, dan moet u even verder gaan aan de overkant. Daar is een grote synagoge met een jonge, enthousiaste rabbijn als voorganger'. 'Dank u', zei ik, 'maar ik wil toch even uw oude rabbijn groeten'.

Commentaar

  • Post 2024-04-06 07:36:05

    De laatste tijd valt het mee, maar het komt regelmatig voor dat de post wat vertraging heeft....

  • Lijdenstijd 2024-03-23 18:53:26

    Met de lijdenstijd lijkt onze samenleving niet uit de voeten te kunnen. Hoe anders is dat met...

  • Leipzig en Navalny 2024-03-07 19:01:01

    Vorige week waren mijn vrouw en ik een paar dagen in het voormalige Oost-Duitsland op bezoek bij...

  • Convent 2024-02-22 17:59:53

    Het kan je haast niet ontgaan zijn. Het convent dat op DV 20 april 2024 door deputaten...