Image
In het begin heerste de duisternis
Gods Woord klonk
er zij licht
en er was licht.

De nacht heerst over de duisternis
de dag is vol licht,
oneindig, zon, maan en sterren
als een volmaakt geschenk
van boven
van de Vader van de hemellichten.

Egypte
drie lange dagen duisternis
voor straf.

Golgotha
drie lange uren duisternis
vol strijd.

ImageTwaalf leden van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Hoogeveen hopen op 15 april 2010 te vertrekken naar Mocuba in Mozambique. Eigenlijk waren ze liever gisteren al vertrokken. Maar ja, een verre reis zonder voorbereidingen, dat kun je wel vergeten.
Dus zijn ze de afgelopen maanden regelmatig een avond bij elkaar geweest. Om elkaar te leren kennen. Om Mozambique te leren kennen: het land, de geschiedenis, de cultuur, de gewoonten. Want straks zijn ze te gast. En willen ze zich gedragen als gast.
Maar wat gaan ze daar eigenlijk doen?
Wat zoeken ze in Mozambique?

Pieter Feijer is hoofdleider en gaat voor de tweede keer de lange reis maken. Brenda Benjamins is verantwoordelijk voor de gezondheid van de groep en gaat voor de eerste keer mee.  Samen vertellen ze hun verhaal.

Banden aanhalen
Pieter: Al een aantal jaren geeft onze CGK, samen met andere CGK-kerken in de classis, de bijbelschool in Mocuba financi?le steun. Nou raak je door geld geven niet meteen het meest betrokken. Enkele jaren geleden veranderde dat. Onze eigen dominee Jan van ?t Spijker heeft een aantal jaren leiding gegeven aan die bijbelschool. Toen hij in Hoogeveen kwam werken, werden de verhalen natuurlijk levende verhalen.
Brenda: Tegelijk was er eind 2005 een groep mensen in onze gemeente die graag vanuit de gemeente een project wilde organiseren om praktische hulp te bieden. Daar was toen ook ene Pieter bij betrokken?Van het ??n kwam het ander en zo zijn er in september 2007 twintig leden van onze gemeente naar Mocuba geweest.
Pieter: De financi?le banden zijn toen persoonlijke banden geworden. Die willen we nu graag aanhalen! We vinden juist de duurzame relatie erg belangrijk.

ImageDe tien geboden worden in veel reformatorische kerken wekelijks gelezen. Deze indrukwekkende tekst verbindt ons christenen met de geschiedenis van Isra?l. In een vorig artikel zagen we echter dat het conflict tussen kerk en Isra?l zowel het gebruik als de interpretatie van de tien geboden be?nvloedde. Sinds de eerste eeuwen wordt Exodus 20 niet meer in de synagoge gelezen. Bestudeerd wordt de tekst wel degelijk. De joodse benadering van deze overbekende tekst kan ons misschien helpen er opnieuw door te worden aangesproken.
 
Calvijn noemde de wet niet alleen een spiegel waarin we onze zonden zien, maar ook een ?regel der dankbaarheid.? In een gemiddelde reformatorische kerkdienst zien we daar maar weinig van terug. Door de vaste volgorde van lezing van de wet ? schuldbelijdenis ? genadeverkondiging wordt immers vooral de eerste functie van de wet een plaats gegeven. Het is maar de vraag of zo?n vaste combinatie met bekende teksten en woorden wel de bedoelde uitwerking heeft. Klinkt het ons niet te vertrouwd in de oren om nog iets bij ons op te roepen? Is het niet beter naar alternatieve Bijbelteksten te zoeken die ons nog kunnen verrassen, zoals Leviticus 19?
Opvallend genoeg speelt deze kwestie in de synagoge slechts ten dele. De joodse traditie ziet de Tora als iets dat veel meer is dan een opsomming van wetten. De concrete geboden en verboden zijn onderdeel van Gods verbond en vormen richtingwijzers om het leven te heiligen. Om die reden is de Tora een uiting van Gods genade en liefde en wordt deze bejubeld en geprezen. Vooral tijdens synagogediensten is dat te zien: de Torarol wordt als een koningin tussen de aanwezigen gedragen en bezongen als boom des levens. Dat neemt natuurlijk niet weg, dat ook hier steeds opnieuw dezelfde, overbekende teksten worden geciteerd. Hoe gaat de synagoge daarmee om? Het antwoord is eenvoudig maar veeleisend: wie God aanspreekt moet zich concentreren. Het middel om (te) vertrouwde teksten tot leven te brengen is gezamenlijke studie.

ImageHet vorige artikel in de reeks over landbouwwetenschappen ging over ondernemerschap. Daarin stond de publicatie van het Landbouw Economisch Instituut ?de kunst van het zien en het realiseren? centraal. In dit artikel wil ik op het aspect van zien en waarnemen nog wat dieper ingaan.

In het agrarisch onderwijs en in het landbouwkundig onderzoek kennen we waarnemen niet als een apart vakgebied. Maar als je met mensen uit het bedrijfsleven praat over wat studenten goed moeten kunnen, dan wordt dat woord waarnemen vaak genoemd. Studenten in het agrarisch onderwijs moeten goed leren waarnemen. Dat geldt op verschillende vakgebieden. Bij bodemkunde moeten studenten leren om goed naar de bodem te kijken. Hoe diep wortelt het gewas in deze grond, zie ik gangen van regenwormen of zie ik verdichte lagen in het bodemprofiel.
Bij veel andere opleidingen moeten studenten leren om goed om zich heen te kijken; wat gebeurt er in dit bedrijf, hoe ziet de omgeving van dit bedrijf eruit, hoe vinden ontwikkelingen plaats en waarom voert een bedrijf bepaalde veranderingen door.
Het gaat er in het agrarisch onderwijs dus om dat je studenten leert waarnemen, om op basis daarvan inzicht te verwerven. Studenten moeten deze competentie (zo noemen we dat in het onderwijs) op meerdere plaatsen kunnen oefenen en toepassen. Bijvoorbeeld in een bedrijf waar ze stage lopen, maar ook in de omgeving van dat bedrijf. Of nog groter, in de hele samenleving, nationaal en internationaal.
Hoewel ik in mijn diensttijd ben opgeleid als waarnemer bij de artillerie, vind ik het moeilijk om studenten te leren waarnemen. Want heel vaak geldt letterlijk ?ik zie, ik zie, wat jij niet ziet?. De uitdaging van het (agrarisch) onderwijs is om het de ander ook te leren zien.

ImageZou ik niet haten, HERE, wie U haten, niet verafschuwen wie tegen U opstaan?
Ik haat hen met een volkomen haat, tot vijanden zijn zij mij.     Psalm 139:21-22

Christenen zaaien net zo goed haat als moslims. De Bijbel bevat op dit punt teksten die verge-lijkbaar zijn met teksten uit de Koran. Hebben zij die dit zeggen geen gelijk? Neem bijvoor-beeld Psalm 139:21-22.

Psalm 139 vind ik prachtig. Maar ik heb grote moeite met de verzen 19-22. Dat zei een ouder-ling tegen mij na een preek over Psalm 139.
Veel christenen zijn het met deze ouderling eens. Deze tekst hoort toch niet bij het christelijk geloof? Jezus houdt ons in Matteüs 5:44 voor: heb je vijanden lief. Laten we daarom deze ?haatwoorden? uit Psalm 139 maar gauw vergeten.
Of laten we ze bij het lezen van de Psalm gewoon overslaan. Dat zou niet opvallen, want deze verzen lijken niet aan te sluiten bij het voorgaande. Komen ze niet uit de lucht vallen, of beter gezegd, komen ze niet uit de afgrond op?

Verkenning
Als we deze tekst vergeten of overslaan, maken we het onszelf te gemakkelijk. Hoe moeten we dan deze woorden verklaren? Mag je zeggen dat dit tot de trekken van het OT hoort die het NT achter zich gelaten heeft? Laten we voorzichtig zijn om te zeggen dat iets typisch oud-testamentisch en dus achterhaald is. Want Jezus citeert het OT als Hij zegt dat we onze naaste moeten liefhebben als onszelf. Hoe verhoudt zich dat tot Psalm 139:21-22?

Commentaar

  • De gasprijs en de kerkzaal 2022-11-17 19:08:21

    De stijging van de energiekosten houdt ons allemaal bezig. We zetten de kachel een graadje lager,...

  • Beroepingswerk 2022-11-04 18:21:30

    Als er in een kerkelijke gemeente een vacature is voor de functie van predikant, dan gaat die...

  • Mahsa Amini 2022-10-20 18:06:56

    Ik kom er niet los van, van wat ik hoorde over Mahsa Amini, die door de moraalpolitie werd...

  • Micha 2022-10-08 07:55:13

    Misschien komt het je bekend voor. Je vertelt aan een vriend dat je een dagje uit gaat, of aan je...