De dichter van Psalm 78 is een man met gezag. Daarom richt hij zich met overtuiging tot 'zijn' volk. Hij wil dat de zijnen luisteren, want hij spreekt wijze woorden, bedoeld voor ouders en kinderen die leven op het erf van het genadeverbond. Zijn woorden geven inzicht in het geheim van het leven.

 

Uit onszelf kunnen we dat geheim niet leren kennen, niet door onze levenservaring, niet door wetenschappelijk onderzoek. De enige manier waarop we daarvan kennis kunnen krijgen is overlevering. Alleen via de traditie en het vertellen van verhalen uit het verleden worden ook onze kinderen ingewijd in het levensgeheim en in het bijzonder het geheim van het leven met God.

Daarom vertellen we onze kinderen over de roemrijke, krachtige daden die Hij gedaan heeft. Dat is ook onze motivatie: wij willen het onze kinderen niet onthouden! Alleen met dit levensgeheim worden ze gelukkig. Echt gelukkig. Alleen dan bereiken ze hun bestemming als mens.

Bovendien: een opdracht van God. Ouders moeten zijn beloften en geboden en zijn onderwijs in levenswijsheid doorgeven aan hun kinderen. Het doel van dit onderwijs is dat zij leren hun vertrouwen op God te stellen. Wat Hij gedaan heeft, mogen zij niet vergeten. Ze mogen, zo zegt de dichter van Psalm 78, niet worden als hun voorgeslacht: onwillig, opstandig, onstandvastig van hart en ontrouw jegens God. Daarom drie lessen.

Er is dat bekende gedicht ‘Ik leg de namen van mijn kinderen in Uw handen’. Een gedicht als een gebed: wilt U onze kinderen bewaren. Geen onnodig gebed! Wat is het heerlijk als God dat gebed verhoort maar wat is het pijnlijk als een of meer kinderen laten merken het zonder Gods bewaring te willen doen.

Het vertrouwen op God ‘doorgeven’, hoe werkt dat? Is er een lijstje met zaken die van belang zijn met betrekking tot leven met God? Een lijst is vast op te sommen maar de praktijk is weerbarstiger dan de theorie. Menig opvoeder zal dat snel toegeven.

Wat een gekke zin zul je wellicht denken. Welnu, dat is het dan ook. Hoewel, als je er goed naar kijkt zit er wel enige logica in. Je kunt je afvragen waarom het niet op deze manier geschreven zou kunnen worden. Maar als je het op deze manier op school zou schrijven, zou het wel eens kunnen resulteren in een slecht cijfer. Je leerkracht zou zich afvragen wat voor vooropleiding je hebt gehad.

Met het over je geloof praten op school is vaak ook zoiets aan de hand. Je bent in een omgeving waar de meesten het maar vreemd vinden om te geloven. En als je dan ook nog naar de kerk gaat op zondag en door de week ook nog naar een club of catechisatie, dan is er wel helemaal iets mis met je. Je spoort niet helemaal.

Wat doe je dan? Hoe reageer jij daarop?

Onlangs plaatste ondergetekende een commentaar in ons Kerkblad met de titel ‘Slager wordt groenteman’. Een vleesbedrijf in Nederland was overgegaan tot het produceren van groenteburgers. Reden: het familiebedrijf wil graag over vijftig jaar ook nog bestaan. Vraag van de redactie aan mij: of ik een poging wil doen een blik in de toekomst te werpen met betrekking tot de kerk. Hoe ziet de kerk er over 25 jaar uit? Moeten de bakens verzet worden (zoals bij het vleesbedrijf) of moeten we teruggaan naar wat we hadden? En hoe omschrijf je dat ‘wat’ dan? Of gaat er iets anders gebeuren met de kerken in ons land? Pittige vragen.

We leven in de kerk van de toekomst die ten hoogste en ten diepste aan het licht is gebracht met de opstanding van onze Heer Jezus Christus. Gods Koninkrijk ligt vastgeklonken aan de Paasmorgen. Vanaf die dag is de overwinning een feit. Al is dat wel een feit dat telkens opnieuw vertrouwen in God vraagt omdat er hier nog – heel veel! – is dat niet strookt met Gods Koninkrijk.

Nog steeds is catechese in de eerste plaats overdracht van de geloofsleer aan doopleden van de kerk. Hoewel er in bijna al onze kerken regelmatig uit een van de belijdenisgeschriften gepreekt wordt (Heidelbergse Catechismus, Dordtse leerregels en Nederlandse Geloofsbelijdenis), vinden onze kerken het nog steeds noodzakelijk dat jongeren vanaf twaalf jaar duidelijk gemaakt wordt: wat geloof ik nou eigenlijk.

 

Wekelijks worden de jongeren uitgenodigd om samen met de dominee of iemand anders, daarvoor de nodige Bijbelkennis op te doen.  Vijftig jaar of nog langer terug bestond catechese uit het van buiten leren van de catechismuszondagen. Tijdens de catechese moest je dan de vraag en het antwoord zonder te spieken opzeggen.

Daarna kwamen de boekjes van ds. J. H. Velema op de markt: Bijbel en belijden, die uitmondden in het laatste deel: Een levend lidmaat.  Deze boekjes dienden als hulpmiddel voor het gesprek en tot het doen van openbare belijdenis.  Maar hoe wordt er nu catechese gegeven? Is er verschil met vroeger?

Commentaar

  • Vrij zijn 2026-09-26 13:56:05

    In Nederland is het wettelijk geregeld dat mensen die werken vakantie krijgen. Elk jaar krijg je...

  • Een levende kerk 2026-09-12 08:27:12

    Als u dit leest ligt het, als het goed is, allemaal achter ons, maar op het moment dat ik dit...

  • Na de droogte 2026-08-29 10:30:59

    Op het moment dat ik dit commentaar schrijf, is het een beetje aan het regenen. Geen grote...

  • Van wie is de maan? 2026-08-15 07:22:18

    Wie had het ooit kunnen bedenken! Het is een item waar op wereldniveau over wordt nagedacht: van...