Zo nu en dan ziet de diaconie zich geconfronteerd met situaties waarbij hulpverlening een heel andere dimensie krijgt. In sommige gevallen is het eenvoudig: door wat voor reden of oorzaak dan ook, is er een financieel probleem ontstaan dat ‘even’ opgelost moet worden. Een lening voor een bepaalde periode is dan mogelijk. Inlossen gebeurt volgens afspraak en de zaak is weer geregeld.

Dat is allemaal niet zo spannend. Het wordt lastiger wanneer er structurele problemen zijn. Ontslag, ziekte, echtscheiding, noem het maar op. Redenen te over waardoor mensen in de financiële problemen kunnen komen. Na vele omwegen komt de zaak dan op het bordje van de diaconie met het verzoek te komen tot een oplossing.

Geld geven is dan niet de oplossing. Structurele problemen vragen om een structurele oplossing. Vergelijk het maar met de werkwijze van ontwikkelingssamenwerking. Ook daar wordt geen geld gegeven, maar geïnvesteerd in kennis en vaardigheden zodat de ontwikkelingslanden zichzelf kunnen redden.

De Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) heeft geconcludeerd dat een levenseindekliniek haalbaar is. Verschillende personen en instellingen willen hun medewerking daaraan geven. In deze kliniek zouden artsen het leven van een patiënt die ondraaglijk en uitzichtloos lijdt, kunnen beëindigen. Met name zouden patiënten daar terechtkunnen die een uitdrukkelijk en ernstig verzoek tot het beëindigen van hun leven doen maar bij hun eigen arts geen gehoor vinden omdat deze terugschrikt voor de juridische consequenties. Ook denkt de vereniging aan kankerpatiënten en mensen met beginnende dementie die hun waardigheid niet willen verliezen. Daarnaast zou plaats kunnen worden geboden aan psychiatrische patiënten en mensen die vinden dat hun leven voltooid is. Bij die laatste groep zal de arts die verbonden is aan de kliniek, zich overigens terughoudend moeten opstellen. De wet staat een levensbeëindiging van mensen die 'klaar' zijn met leven niet toe. Cliënten die om die reden zich hebben laten opnemen, moeten zelf  pillen verzamelen. Artsen kunnen dan niet meer doen dan informatie geven en medische hulp wanneer dat nodig is.

Afgelopen week deed ik mee aan de Week van Gebed. Elke avond waren we bij elkaar om bemoedigd te worden door het Woord van God, om de Here te prijzen in onze liederen en vooral om de Hem aan te roepen met dankzegging en voorbede. Iedere avond kwamen de deelnemers vanuit heel de stad en vanuit verschillende kerken en gemeenten bij elkaar. Een bonte verzameling christenen in Christus verbonden. Kerkmuren vallen weg. Een Pinsterbroeder buigt het hoofd samen met een rechtgeaarde Gereformeerde, een Evangelische tezamen met een Reformatorische. Dat is goed en zeer bemoedigend. Tegelijk schrijnt er in die week wel iets.

De afgelopen tijd is er binnen de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) onderzoek gedaan naar het bereiken van de verschillende doelgroepen. Eén van de conclusies was, dat er maar twee mentaliteitsgroepen in de samenleving worden bereikt: de traditionele burgerij en de postmaterialisten. Met de eerste groep worden zij bedoeld die de kerkgang van de ouders hebben meegekregen en betrokken zijn bij de mensen rondom hen. De postmaterialisten zijn zij, die bewust bezig zijn met zingeving en begaan zijn met de wereld dichtbij en veraf. Uit de conclusies van het rapport bleek verder, dat vooral de (post)modernen moeilijk te bereiken zijn en het af laten weten. Zij voelen zich niet aangesproken door de stijl van de PKN. De slotconclusie is dat de kerk zich beter bij hen kan aansluiten, door zich meer in het gedachteleven van deze richtingen te verplaatsen.
Hoe? Een aantal tips. Verbind de boodschap van het Evangelie met hier en nu in plaats van ver weg en straks. Heb aandacht voor vragen in het dagelijks leven en de gevoelens die deze met zich meebrengen. Wees als kerk minder bescheiden; de ingetogen stijl sluit niet aan bij de meerderheid van de Nederlanders. Geef een duidelijk verhaal en wees trots op waar je voor staat. De troost, de kracht en de richting die geloven biedt zijn bij velen onbekend. Sluit als kerk aan bij wat mensen werkelijk raakt. Tot zover het onderzoek en de aanbevelingen.

Hoe ziet een gulle gever eruit? Dat kan ik u vertellen. Het stond immers in de krant. “De doorsneedonateur in Nederland is een vrijgezelle of gescheiden protestantse vrouw of man die elke zondag naar de kerk gaat en woonachtig is in Noord- of Zuid-Holland, Gelderland of Flevoland” (Trouw, 17 januari 2011). Gelukkig gaat het hier om een doorsnee donateur. En dat betekent gelukkig niet dat de meeste lezers van dit blad hun hand op de knip houden. Het gaat hier overigens niet om de vaste vrijwillige bijdrage maar om de bereidheid geld af te staan voor goede doelen. Het is interessant in genoemd artikel te lezen dat hoe vaker mensen naar de kerk gaan, hoe vaker ze donateur zijn.

Commentaar

  • 1 juli 2020-06-26 15:24:27

    Wat is er voor bijzonders aan deze datum? Ja, we mogen weer met honderd personen een kerkdienst...

  • Mondkapjes 2020-06-19 17:14:12

    We moeten rennen om de tram te halen. Ja, we weten dat mondkapjes nu in het openbaar vervoer...

  • Niet door geweld 2020-06-12 16:12:16

    Het wordt nu gelukkig weer wat rustiger, maar Amerika kookte van woede. En de wereld protesteerde...

  • Verootmoediging 2020-06-05 15:32:27

    Vorige week heeft het moderamen van onze generale synode aan de kerkenraden binnen ons kerkverband een brief...